Hoe bepaalde systemen met humor en herkenbaarheid bloot te leggen
Ik doe dit werk nu al een aantal jaar. Huisreiniging & MEER, staat er op mijn website. Die toevoeging, dat MEER, is er niet voor niets. Want wat ik doe gaat verder dan het reinigen van woningen. Tijdens het reinigen komt er vaak ontzettend veel naar boven. Oude overtuigingen die als onzichtbare draden door het leven lopen. Blokkades en verhalen. Over wat mensen hebben meegemaakt en wat er nog steeds – vaak volkomen onbewust – een rol speelt in het dagelijks bestaan.
Mijn slogan is niet voor niets ‘het onbewuste bewust maken’.
Wat me de afgelopen jaren bijzonder is opgevallen, is hoeveel vrouwen heftige dingen hebben meegemaakt, zowel in relaties als op straat. Dit soort ervaringen hebben een impact die je je nauwelijks kunt voorstellen als je het zelf niet hebt meegemaakt.
Maar het gaat om meer dan individuele verhalen. Want wat ik zie in mijn werk, is hoe diep het systeem van de man/vrouw rol ons allemaal vormt, vaak zonder dat we het doorhebben.
Ik zie vrouwen die zich afvragen waar hun vrouwelijke energie en kracht gebleven is. En ik zie mannen in een rol waarin ze denken alle controle te moeten houden, waarin kwetsbaarheid geen plek mag hebben en waarin ze eigenlijk ook geen ruimte hebben om echt zichzelf te zijn.
We krijgen allemaal onbewuste rollen mee over hoe we horen te zijn, wat er van ons verwacht wordt. Die rollen voelen zo vanzelfsprekend dat we ze als normaal zien. Maar ze bepalen wel hoe we ons bewegen door het leven, wat we onszelf toestaan te voelen, te zijn en te verlangen. En zolang die onbewuste patronen blijven bestaan, blijven bepaalde dingen mogelijk en blijft er voor iedereen minder ruimte om werkelijk vrij te zijn.
Dan nu een sprongetje naar het onderwerp waar ik in het onderwerp van deze nieuwsbrief op doel. Onlangs vertelde Eva Krap mij dat ze bezig was met een nieuw manuscript. Ik wilde het graag lezen, want wat ze schrijft, raakt me vrijwel altijd. Ze was bezig met een verhaal over godinnen, maar niet de godinnen zoals we die kennen uit sprookjesboeken of uit die stoffige mythologieën die we op school leerden. Nee, godinnen die gewoon tussen de mensen op aarde rondlopen. Godinnen die vergeten zijn, herschreven, gedemoniseerd of tot een lief, onschuldig sprookjesfiguur zijn gemaakt.
Neem bijvoorbeeld Medusa. Vrijwel iedereen kent haar. Het monster met het haar van slangen, wiens blik je in steen verandert. Ze is eng, gevaarlijk, iets om voor weg te rennen. Maar weet je wat er werkelijk gebeurde? Medusa was een priesteres. Een prachtige vrouw. Ze werd aangerand door Poseidon, de god van de zee. En in plaats van dat zij beschermd werd, in plaats van dat haar onrecht werd erkend, werd zij gestraft. Medusa werd veranderd in een monster. Het slachtoffer werd de dader. Haar verhaal werd herschreven. En wij, eeuwen later, kennen alleen nog maar de verschrikking. Niet het meisje dat pijn werd gedaan.
Of Vrouw Holle. Ken je dat verhaal? De vriendelijke oude vrouw die voor sneeuw zorgt als ze haar kussens uitklopt? Een lief sprookje. Maar Vrouw Holle was ooit een machtige godin. Een godin van de onderwereld, van transformatie, van dood en wedergeboorte. Krachtig. Ongrijpbaar. Maar dat paste niet in het plaatje dat men wilde. Dus maakten ze haar tam. Huiselijk. Ongevaarlijk. Ze knipten haar vleugels af en maakten er een lieve oma van.
Dit patroon – het klein maken, het herschrijven, het demoniseren van vrouwelijke kracht – trekt als een rode draad door onze hele cultuur. Door onze geschiedenis. En door de levens van de mensen die ik tegenkom in mijn werk. Want dit heeft ook zijn weerslag op mannen.
Ik heb dan ook met bijzonder veel plezier Eva’s verhaal gelezen. Het is een realistisch en alledaags verhaal, waarin de godinnen gewone vrouwen zijn. Ze lopen tussen ons. Ze hebben boodschappen te doen, relaties, twijfels. Ze zijn herkenbaar. Maar het gaat ook over andere vrouwen – gewone, menselijke vrouwen die klein zijn gemaakt. Die soms rondlopen met trauma’s door geweld. Die denken dat ze het zelf zijn, dat er iets mis is met hen. Die hun stem kwijt zijn.
Eva neemt de lezer op pakkende wijze mee en legt op zeer bijzondere wijze deze structuren bloot. Hoe patronen zich herhalen. Hoe vrouwen keer op keer in dezelfde valstrikken lopen, omdat de valkuil zo diep in onze cultuur is ingegraven dat we hem niet eens meer zien. Ze schrijft over macht en onmacht. Over zien en onzichtbaar gemaakt worden. Over stemmen die worden gesmoord en verhalen die eindelijk verteld mogen worden.
Wat mij echt raakte, is dat Eva mannen niet als daders neerzet. Sterker nog, ze neemt ze mee in het verhaal. Ze laat zien waarom deze patronen zijn ontstaan, en wat het tevens met hen doet.
Want ook dat zie ik veel in mijn werk. Mannen die vastlopen. Die rondlopen met gedachten over hoe mannelijkheid hoort te zijn, over hoe zij moeten zijn. Die vastzitten in hun rol. De spil van het gezin zijn. De verdiener. De sterke schouder. Degene die geen zwakte mag tonen, die moet doorgaan, die moet presteren. Ze dragen hun eigen onzichtbare ketenen. En die ketenen, die houden dit hele systeem in stand.
Eva’s verhaal laat zien dat we er allemaal in vastzitten. Dat niemand vrij is zolang deze oude patronen blijven voortbestaan. Dat het niet gaat om mannen tegen vrouwen of vrouwen tegen mannen, maar om een structuur die ons allemaal klein houdt, die ons allemaal in hokjes duwt waar we niet thuishoren.
Tijdens het lezen werd ik zo geraakt, omdat ze feilloos de kern blootlegt. We staan op een kantelpunt. De overgang naar het Watermantijdperk. Een tijd waarin oude structuren mogen afbrokkelen en waarin we collectief aan het ontwaken zijn.
Om daar echt doorheen te kunnen breken, mogen we dit zien. We mogen erkennen wat er is gebeurd. We mogen de verhalen vertellen die te lang verzwegen zijn.
En daar draagt Eva’s boek aan bij, op een manier die niet veroordeelt, maar verlost. Die niet verdeelt, maar verbindt. Ze doet dat met veel humor en zeer herkenbare situaties waar de personages in terechtkomen. Daardoor leest het boek geen moment zwaar.
Ze zegt zelf: “Het leven is vol nuances, vol absurditeit, vol momenten waarop je tegelijkertijd moet huilen en lachen. Dat wilde ik ook in dit verhaal. En ja, soms is het luchtig. Soms zelfs absurd. Want het leven is dat ook. We zijn allemaal een beetje ridicuul, als ik heel eerlijk ben. We lopen rond met onze overtuigingen, angsten en dromen, en we doen alsof we precies weten waar we mee bezig zijn, terwijl we eigenlijk allemaal een beetje improviseren.”
Dit is een verhaal dat wat mij betreft gelezen mag worden. Door vrouwen die zichzelf misschien herkennen in die vergeten godinnen. Door mannen die klaar zijn om anders te kijken. Door iedereen die voelt dat er iets moet veranderen, maar nog niet precies weet wat.
Dit boek is een stukje van die verandering. Daarom raad ik het van harte aan.
Het boek heet, heel toepasselijk, De vergeten vrouw, en is zowel als paperback als e-book te verkijgen bij je favoriete online boekhandel. Eva heeft de cover met een reden zo ontworpen. De bloemen en doorns die je ziet, zijn geen toevallige keuze. Het zijn de symbolen van Baubo, de godin die een centrale rol speelt in dit verhaal.
Baubo is een oude, vaak vergeten godin, die bekend staat om haar onbeschaamde levenslust en haar vermogen om vreugde te wekken daar waar duisternis heerst. Maar de bloemen en doornen reiken verder. Ze verbeelden iets groters: de vrouwelijke energie die door de eeuwen heen is onderdrukt, ingekapseld en klein gehouden. En dat heeft zijn sporen nagelaten. Niet alleen bij vrouwen, maar ook bij mannen. Want als een deel van onze menselijkheid gevangen wordt gezet, voelt iedereen dat. De cover draagt dat verhaal al in zich, nog voor je de eerste pagina hebt omgeslagen.
Met warme groet,
Henk